Vak: Ontwikkeling in onderwijs 2 credits: 15
- Vakcode
- ALVP25OIO2
- Naam
- Ontwikkeling in onderwijs 2
- Studiejaar
- 2026-2027
- ECTS credits
- 15
- Taal
- Nederlands
- Coördinator
- W.M. Alingh
- Werkvormen
-
- Hoorcollege
- Intervisie
- Stage, werk
- Werkcollege
- Toetsen
-
- Ontwikkeling in onderwijs 2 - Portfolio assessment
Leeruitkomsten
Deze module levert een bijdrage aan de volgende leeruitkomsten op propedeuse-niveau.
LOL Pedagogisch handelen
LOL (Vak)didactisch handelen
LOL (Vak)inhoudelijke expertise ALO
LOL (Vak)inhoudelijke expertise Pabo
LOL Onderzoekend handelen
LOL Professionele identiteit
LOL Pedagogisch handelen
LOL (Vak)didactisch handelen
LOL (Vak)inhoudelijke expertise ALO
LOL (Vak)inhoudelijke expertise Pabo
LOL Onderzoekend handelen
LOL Professionele identiteit
Inhoud
Inhoud van het studieonderdeel:
De student werkt gedurende dit studieonderdeel aan zijn ontwikkeling op de zes leeruitkomsten, gekoppeld aan de vijf landelijke leeruitkomstgebieden, waarbij de leeruitkomst (vak)inhoudelijk expertise een deel A en B heeft (ALO en Pabo). De student verzamelt bewijsstukken om de ontwikkeling op de leeruitkomsten aan te tonen.
Studenten volgen werkplekleren in het primair onderwijs. Eén dag in de klas en één dag in de zaal. Het werkplekleren wordt uitgevoerd op een basisschool waarbij de student leert in de klas bij een groepsleerkracht en in de zaal bij een vakleerkracht bewegingsonderwijs of in de speelzaal (groep 1-2). De omvang van het werkplekleren is vier dagdelen waarbij gestreefd wordt naar een gelijkwaardige verdeling over klas en zaal.
Centraal staat het realiseren van leren bij kinderen. Dit wordt gerealiseerd door het ontwerpen van passende lesactiviteiten en het aanbieden van lessen zowel in de zaal (plein/sportveld) als in de klas. De student evalueert deze lessen zelf, maar vraagt ook feedback aan de stagecoaches, medestudenten en opleidingsdocenten. De studenten maken een portfolio waarin o.a. lesvoorbereidingen, lesgeefvideo’s en evaluaties zijn opgenomen.
In deze module worden thema’s behandeld vanuit de leerlijn Pedagogiek en didactiek die passen bij het werkplekleren en de fase van de opleiding (o.a. klassenmanagement en directe instructie).
Onderzoek: De student verdiept zich in de ontwikkeling van kinderen in het basisonderwijs. Tijdens het werkplekleren gaat de student de ontwikkeling van een kind/enkele kinderen in kaart brengen door middel van observatie (onderzoek).
Opzet van de colleges:
Er worden werkcolleges aangeboden, waarbij de studenten begeleiding krijgen op de ontwikkeling op de vijf leeruitkomsten en de daarbij horende bewijsstukken (grotendeels vastgesteld en deels optioneel). Daarnaast zijn er hoorcolleges waarbij thema’s worden behandeld vanuit P&D.
Opzet van de toetsing:
De student maakt een portfolio waarin de ontwikkeling op de leeruitkomsten zichtbaar wordt gemaakt. Vervolgens zal er een portfolio-assessment plaatsvinden. Op basis van het portfolio-assessment wordt de beoordeling gegeven.
Er is een voortgangstoets waarin de student voortgang laat zien op kennis in alle kennisgebieden van de ALO en Pabo. Deze is formatief.
Literatuur en eventuele kosten:
Er zijn geen additionele kosten verbonden aan het volgen van deze module.
Literatuur wordt tijdens de lessen aangereikt en er is verplichte literatuur (zie boekenlijst).
De student werkt gedurende dit studieonderdeel aan zijn ontwikkeling op de zes leeruitkomsten, gekoppeld aan de vijf landelijke leeruitkomstgebieden, waarbij de leeruitkomst (vak)inhoudelijk expertise een deel A en B heeft (ALO en Pabo). De student verzamelt bewijsstukken om de ontwikkeling op de leeruitkomsten aan te tonen.
Studenten volgen werkplekleren in het primair onderwijs. Eén dag in de klas en één dag in de zaal. Het werkplekleren wordt uitgevoerd op een basisschool waarbij de student leert in de klas bij een groepsleerkracht en in de zaal bij een vakleerkracht bewegingsonderwijs of in de speelzaal (groep 1-2). De omvang van het werkplekleren is vier dagdelen waarbij gestreefd wordt naar een gelijkwaardige verdeling over klas en zaal.
Centraal staat het realiseren van leren bij kinderen. Dit wordt gerealiseerd door het ontwerpen van passende lesactiviteiten en het aanbieden van lessen zowel in de zaal (plein/sportveld) als in de klas. De student evalueert deze lessen zelf, maar vraagt ook feedback aan de stagecoaches, medestudenten en opleidingsdocenten. De studenten maken een portfolio waarin o.a. lesvoorbereidingen, lesgeefvideo’s en evaluaties zijn opgenomen.
In deze module worden thema’s behandeld vanuit de leerlijn Pedagogiek en didactiek die passen bij het werkplekleren en de fase van de opleiding (o.a. klassenmanagement en directe instructie).
Onderzoek: De student verdiept zich in de ontwikkeling van kinderen in het basisonderwijs. Tijdens het werkplekleren gaat de student de ontwikkeling van een kind/enkele kinderen in kaart brengen door middel van observatie (onderzoek).
Opzet van de colleges:
Er worden werkcolleges aangeboden, waarbij de studenten begeleiding krijgen op de ontwikkeling op de vijf leeruitkomsten en de daarbij horende bewijsstukken (grotendeels vastgesteld en deels optioneel). Daarnaast zijn er hoorcolleges waarbij thema’s worden behandeld vanuit P&D.
Opzet van de toetsing:
De student maakt een portfolio waarin de ontwikkeling op de leeruitkomsten zichtbaar wordt gemaakt. Vervolgens zal er een portfolio-assessment plaatsvinden. Op basis van het portfolio-assessment wordt de beoordeling gegeven.
Er is een voortgangstoets waarin de student voortgang laat zien op kennis in alle kennisgebieden van de ALO en Pabo. Deze is formatief.
Literatuur en eventuele kosten:
Er zijn geen additionele kosten verbonden aan het volgen van deze module.
Literatuur wordt tijdens de lessen aangereikt en er is verplichte literatuur (zie boekenlijst).
Opgenomen in opleiding(en)
School(s)
- Welzijn, Educatie & Sport